Door zijn rossige haar,zijn machtige bewegingen,zijn plechtstatige houding,zijn vreeswekkend gebrul en de bliksemsnelle manier waarop hij zijn prooi bespringt,werd de leeuw tot een symbool.Men zag echter niet wat het dier in werkelijkheid is:een grote vleeseter uit de savannen,waarvan de bouw helemaal op de jacht is ingericht.
Hij is intelligent en sluw,maar ook voorzichtig en zuinig met zijn energie.Zeer vaak doodt hij alleen omdat er geen andere mogelijkheden zijn om zich te redden.
De mend ontleent symbolen aan wat hij ziet.Omdat de leeuw waarschijnlijk het eerste roofdier was dat in de geschiedenis van de mensheid verscheen,is hij een symbool geworden.Als we hem nu zien als een voorbeeld van moed,dapperheid,kracht, fierheid,dan doen we het zelfde als de herders uit de woestijnen van Klein-Azië zo'n drieduizend jaar geleden deden.De leeuw geniet nammelijk al tientallen eeuwen bewondering en respect
De grote jager van de savanne
De leeuw is niet de grootste van de roofdieren,want de grizzlybeer is nog groter en zwaarder.Evenmin is hij de grootste katachtige,omdat er tygers zijn,de (Mantsjoerrije-tygers )die iets groter zijn dan de leeuw.Zeker is hij niet de sterkste dier,nog het snelste,nog het kwaadaardigste.Vanwege zijn afmetingen komt het alleen hem toe, de grootste van de Afrikaanse roofdieren genoemd te worden.Als is hij niet de grootste,de leeuw is toch wel het meest grootste dier.De mensen hebben hem,uit vrees en uit bewondering,tot een symbool gemaakt.Volgens de mens is de leeuw edel,trots,moedig,driest,en zelfs grootmoedig en tot dankbaarheid in staat.De werkelijkheid is echter anders.De leeuw is een vleeseter en een jager.Hij is niet beter of slechter dan welk ander dier ook
Uiterlijke van de leeuw
1.Nek:
2.Kam:
3.Rug:
4.Staart beginsel:
5.Staart:
6.Achterste:
7.Achterbeen
8.Flank:
9.Maag:
10.Zijkant
11.Voet (Klauw)
12.Voorpoten
13.Schouder:
14:Borst:
15.Gezicht:
16.Onderkaak:
17.Bovenkaak:
18.Snoet:
19.Neus
20.Voorhoofd:
21:Oor:
De afmeetingen van de leeuw
In de dierkunde is de leeuw een sort geslacht uit de famillie van de katachtigen uit de orde van de roofdieren,uit de klasse van de zoogdieren.Men moet het erop houden dat de totale lengte van de punt van de snuit tot en met de saart slechts zelden langer is dan 3 meter De staart neemt hiervan een derde in beslag.Hij is bijna een meter hoog en weegt ongeveer tweehonderd kilo
De klauwen
De wapens van de leeuw.Het lichaam biedt een machtig aanblik:het is gespiert maar niet zwaar.De romp is veel meer ontwikkeld dan de buik die zelfs bijzonder smal kan zijn.Groot,sterk,en pezige poten,waarover de huid niet gespannen is,maar een beetje slap hangt.Zoals alle katachtigen heeft de leeuw vijftenen aan de voorpoten en vier aan de achterpoten het laatste kootje heeft kromme klauwen(nagels),die zo sterk zijn ,dat ze blik kunnen openrijten en hout kunnen klieven.dit laatste kootje is zeer bewegelijk en kan worden ingetrokken zodat de nagel bij het lopen de grond niet raakt en dus niet verslijt.
De kop
Is veel groter dan die van andere katachtige.De snuit is breed en lang.De ogen hebben een ronde pupil.Ze zijn geel en schitteren en lichten in het donker.De bek is groot en het gebit is goed ontwikkeld.Uitzonderlijk voor een vleeseter zijn de afmetingen van de hoektanden.Getemde leeuwen hebben langer haar dan die in wild leven.De snorharenen haren bover de oogkassen zijn tastorganen.De kop van de mannentjesleeuw,het eerste deeel van zijn romp en ook gedeelte van zijn voorpoten zijn bedekt met lange haren.De manen maken het belangrijkste verschil uit tussen mannetjes en vrouwtjes,si bovendien een veel kleinere kop hebben.De kleur van de vacht is rossig maar de manen soms ook een deel van het haar en de rest van het lichaam.kan donkerder zijn en zelfs zwart.
.
De staart
De staart waarmee de leeuw,als hij wordt gehinderd,tegen de flanken slaat eindigt in een haarkwast hierin zit een soort nagel verborgen die de vorm heeft van een dorn en bestaat uit hoornachtig matriaal.De huid is dun en gevoelig voor prikkende braamstruiken.Hij is bedekt met vacht van glad,glanzend haar
De paring
In een troep zijn de vrouwtjes allemaal familie van elkaar, ze blijven hun hele leven bij elkaar. Een mannetjes is op zijn 4e levensjaar vruchtbaar, bij een vrouwtjes duurt dat iets langer die zijn in hun 5e levensjaar pas vruchtbaar. Als leeuwen paren bijt de leeuw de leeuwin in haar nek. Dit om houvast te houden. De eigenlijke paring duurt maar een paar seconde. De leeuwin snauwt na de paring tegen de leeuw en hij gaat er weer snel vandoor. Vrouwtjes paren gemiddeld om het kwartier als ze loops zijn. (het mannetje paart dan ook wel 30 tot 40 keer per dag). De loopsheid duurt 2 tot 8 dagen. Soms wissel de leeuwinnen in die tijd van partner.
Om bevrucht te worden moet een vrouwtje gemiddeld 150 keer gedekt worden, dit komt omdat de mannetjes zeer zwak zaad hebben, ze zijn bijna onvruchtbaar, wat overgang van vader op zoon er niet beter op word. Maar 1 op de 5 periodes van loopsheid lijd tot bevruchting en omgerekend en met de gevaren van opgroeien van een welp ) komt uit 1 op de 3.000 paring een welp die ook nog volwassen word, en zich dan kan voortplanten. Leeuwen kunnen meermalen per jaar jongen krijgen, maar na een worp komt de volgende gewoonlijk pas na ongeveer twee jaar, tenzij jongen eerder worden gedood vanwege de macht overname door een nieuwe dominante man. De man dood de welpen bij overname van een troep waardoor de vrouwen hun jongen niet meer hoeven te zeugen en daardoor weer snel loops worden. De draagtijd voor een zwangere leeuwin is 100 tot 120 dagen. Per worp worden 2 a 3 jonge geboren vaak ook meer. Op zich kunnen een leeuw en een tijger paren. De paring lukt zelfs alleen de jongen die uit deze combinatie komen zijn zelf niet vruchtbaar
Welpen
Welpen worden blind met een gestippelde vacht geboren Ze wegen dan slechts 1 tot 2 kg dit is nog geen 1% van dat wat hun moeder weegt. Om de 3 of 4 dagen brengt de leeuwin haar jongen naar een andere schuilplaats. Als leeuwin haar jongen verplaatst weten de welpen instinctief dat ze niet moeten tegen stribbelen maar slap tussen de kaken van hun moeder moeten blijven hangen. Na 10 tot 15 dagen gaan de ogen open, na 3 weken krijgen de welpen hun melktanden Het doorkomen van deze tanden gaat gepaard met hevige pijn en koortsaanvallen en dat veroorzaakt een hoog sterfpercentage onder de welpen. Na 6 weken kunnen ze vast voedsel (kleine stukjes vlees) eten maar de eerste 3 maanden drinken ze nog melk bij hun moeder of tantes die ook jongen hebben. De moeder is de eerste weken zeer waakzaam. De welpen worden geboren buiten de troep omdat de moeder vlak voor de geboorte de troep verlaat. Na ongeveer 7 tot 10 weken komt de moeder weer terug bij de troep Als welpen aan de troep voor de eerste keer worden voorgesteld is iedereen nerveus. Na ongeveer 2,5 maand gaan de welpen zelf prooidieren observeren. De Welpen leren door hun moeder te imiteren in een spelletje met andere welpen te jagen maar ook spelen en oefenen ze met de volwassene leeuwen. Welpen spelen graag ze klimmen graag in bomen en proberen elkaar uit om op hen te jagen. De gevlekte vacht zorgt er voor dat ze niet opvallen. Vrouwtjes blijven hun hele leven speelsgedrag vertonen, terwijl mannetjes na hun derde jaar bijna nooit meer spelen. Een groot aantal welpen sterft vanwege uithongering of wordt gedood als een nieuw mannetje de heerschappij over een troep leeuwen verovert, omdat hij geen nageslacht van andere mannetjes tolereert, toch gedragen zelfs mannetjes zich zeer liefdevol tegenover hun eigen welpen, wat een tamelijk ongebruikelijk gedrag is bij katten Een kwart van de overleden welpen komt door ondervoeding. Een ander kwart komt door kinderdood (van een nieuw mannetjes) , ongelukken en aanvallen van Hyena’s of buffels. De andere helft van de sterfte gevallen is de oorzaak van onbekend.Als een mannetje 3 of 4 jaar oud is verlaten ze de troep om zich bij een andere troep te voegen en zich voor te planten. Tussen hun 5e en 6e jaar zijn de leeuwen het sterkst.